Veiligelanders: de cijfers

Het is onrustig rondom het aanmeldcentrum van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers in Ter Apel. Het aanmeldcentrum zit overvol, waardoor er voor enkele tientallen asielzoekers binnen geen plek meer is. Zij brengen overdag hun tijd door op het grasveld voor de poort.

Daar ontstonden afgelopen tijd problemen, zoals vechtpartijen, alcohol- en drugsgebruik en steekincidenten. De directe omgeving van het aanmeldcentrum werd een veiligheidsrisicogebied, waar preventief gefouilleerd kan worden. "De overlast werd veroorzaakt door een kleine groep mensen, vaak met een kansarme asielaanvraag, die op de locatie Ter Apel verbleef, of mensen van elders zonder een asielaanvraag", schrijft minister Van den Brink van Asiel en Migratie daarover in een Kamerbrief.

In de groepen die rondhangen bij het aanmeldcentrum bevinden zich veel zogenoemde 'veiligelanders'. Dat is een groep asielzoekers die amper kans maakt op asiel, maar het toch probeert. Zij vormen een heel kleine groep binnen het totaal aantal migranten dat jaarlijks naar Nederland komt.

In 2025 kwamen er ruim 282.000 migranten naar Nederland. Van hen zijn er 40.570 asielzoekers en nareizigers. Van die laatste groep kwamen 3.620 asielverzoeken uit veilige landen. Dat is 1,3 procent van het totaal aantal migranten dat vanuit het buitenland naar Nederland komt.

Veilige landen

Bij asielaanvragen bekijkt de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) of iemand uit een veilig land komt, of niet. Of een land op de lijst 'veilig' staat, hangt af van bepaalde factoren. Denk aan: de algemene veiligheid in het land, maar ook specifieke gevaren voor specifieke mensen. Bijvoorbeeld het risico op geweld, vervolging of onmenselijke behandeling vanwege ras, politieke voorkeur, geloof of seksuele geaardheid. Asielzoekers uit veilige landen krijgen in de regel geen verblijfsvergunning.

Nederland kende tot 12 juni een eigen lijst met veilige landen. Die zag er als volgt uit:

Per 12 juni, dus sinds het ingaan van het Europese migratiepact, geldt de lijst van de Europese Unie. Op die lijst staan alle kandidaat-lidstaten van de EU, behalve Oekraïne. Daarnaast staan er nog zeven landen op.

Door de uitgebreidere EU-lijst vallen veel meer asielaanvragen onder de categorie ‘veiligelanders’ dan voorheen. Het verschil is goed te zien in de grafiek hieronder. Daarop staan, voor de afgelopen tien jaar, de asielaanvragen van 'veiligelanders' volgens de twee verschillende lijsten.

Dat de aantallen zo uiteenlopen, komt vooral doordat Nederland relatief veel aanvragen van Turkse asielzoekers krijgt. Turkije stond niet op de Nederlandse lijst, maar nu wel op de EU-lijst. Turkse asielzoekers zijn daarom sinds een ruime maand 'veiligelanders'.

Waarom is die lijst belangrijk? Dat is omdat asielzoekers uit veilige landen in een andere (korte) asielprocedure belanden. Hun aanvraag kan sneller worden afgewezen omdat hun land als veilig wordt beschouwd.

Met het nieuwe Europese migratiepact is het delen van informatie over die groep asielzoekers tussen EU-lidstaten makkelijker geworden. Zo worden biometrische gegevens zoals vingerafdrukken onderling direct gedeeld. Mocht een 'veiligelander' opnieuw in een ander EU-land een asielaanvraag doen, kan heel snel worden gecheckt of diegene ergens anders al is geweigerd.

Overigens zegt de lijst met veilige landen niet alles, als het gaat om de hoeveel asielzoekers mogen blijven. Er worden ook veel asielzoekers afgewezen uit landen die niet op de lijst staan:

Als een asielaanvraag definitief is afgewezen, moet deze persoon wettelijk gezien zelfstandig terugkeren naar het land van herkomst. De overheid biedt hulp bij het vertrek uit Nederland, zoals het regelen van reisdocumenten, het boeken van vliegtickets en het aanbieden van een vertrekpremie (meestal zo'n 500 euro).

Maar vrijwillig vertrekken, gebeurt vaker niet dan wel. Pas wanneer de vreemdeling niet zelfstandig vertrekt en geen hulp accepteert, gaat de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) over tot gedwongen vertrek. "Dit is een complex en weerbarstig proces waarin de opstelling van de vreemdeling van grote invloed is op het al dan niet realiseren van vertrek", schrijft de dienst.

Van zo'n 60 procent van de vertrokken vreemdelingen is de bestemming onbekend. In de statistieken heet dat ‘zelfstandig vertrek zonder toezicht’. "Van deze personen is niet vast te stellen of zij Nederland daadwerkelijk hebben verlaten of de illegaliteit zijn ingegaan", schrijft de DT&V. Naar schatting verblijven er in Nederland tussen de 17.000 en 23.000 mensen in de illegaliteit.

Als zelfstandig vertrek niet lukt, is uitzetting het enige middel dat overblijft. Maar het inzetten daarvan lukt lang niet altijd.

Voordat iemand daadwerkelijk kan worden uitgezet, moet aan meerdere voorwaarden tegelijk zijn voldaan. Zo moet iemand "juridisch uitzetbaar" zijn, oftewel alle juridische (bezwaar)procedures die in Nederland mogen worden afgewacht, moeten zijn doorlopen.

Ook moet er een geldig reisdocument zijn of een vervangend reisdocument kunnen worden geregeld. Daarnaast moeten de landen van herkomst meewerken aan de terugkeer. Landen als Marokko en Algerije werken vaak niet mee aan de identificatie of geven geen reisdocumenten af.

Als iemand zelf niet mee wil werken, heeft diegene best wat mogelijkheden om uitzetting te dwarsbomen, bijvoorbeeld door een paspoort weg te gooien en te liegen over het land van herkomst. Dat gebeurt in de praktijk geregeld. Verder komt het voor dat mensen in de illegaliteit verdwijnen en bijvoorbeeld op straat verblijven. Zo kruisen 'veiligelanders' op die manier geregeld half Europa door.

In 2026 zijn er tot nu zo'n 1200 mensen Nederland uitgezet. Daarbij gaat het niet alleen om afgewezen asielzoekers, maar om iedereen die niet meer in Nederland mocht zijn. Een EU-burger die hier als arbeidsmigrant werkt maar zijn baan verliest, en dus 'onvoldoende bestaansmiddelen' heeft om in Nederland te mogen blijven, valt ook onder deze cijfers.

Nederland geeft extra prioriteit aan het uitzetten van 'overlastgevende en criminele vreemdelingen'. Dat gebeurt zoveel mogelijk vanuit de gevangenis. Om meer mensen van die groep te laten terugkeren, zijn de wettelijke mogelijkheden de afgelopen tijd verder uitgebreid. Zo is de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring ingegaan en kan een grotere groep vreemdelingen die ernstige overlast veroorzaakt ongewenst worden verklaard.

Ook kan een verblijfsvergunning na het plegen van een misdrijf eerder worden ingetrokken, maar als we kijken naar de cijfers van het eerste halfjaar van 2026 zien we dat het aantal uitgezette mensen voorlopig achterblijft bij dat van de twee jaar daarvoor.

Colofon

Redactie en data: Sjoerd Mouissie en Brian van der Bol
Ontwerp: Thijs Geritz en Froukje Visser
Eindredactie: Margot Oosterwechel